De orthopedagoog-generalist: pionieren met een frisse blik
Naam
Kristen Klaassen-Hendriks
Organisatie
BrabantZorg
Regio
Oost-Brabant
Rol
Orthopedagoog generalist
Het exacte aantal kent ze niet, maar ze vermoedt dat het aantal vakgenoten in de sector op vier handen te tellen is. De orthopedagoog-generalist (OG-er): in de jeugdzorg en de gehandicaptenzorg is het een vertrouwd gezicht, maar in de zorg voor ouderen behoort Kristen Klaassen-Hendriks tot de pioniers. En dus is er werk aan de winkel om haar vak op de kaart te zetten. Eigenwijs innoveren met een frisse blik en een holistische kijk. Want de OG-er kan volgens Kristen een hele waardevolle aanvulling zijn op de GZ-psycholoog: ‘Rondjes en vierkantjes vullen elkaar prima aan.’
‘Heel eerlijk: ik ben ooit pedagogische wetenschappen gaan studeren met het idee om met kinderen te gaan werken. Dat is super goed gelukt, want in plaats daarvan belandde ik eerst in de gehandicaptenzorg en later in de zorg voor ouderen. Maar zonder gekheid: ik ben echt gegrepen door dit vakgebied. Het werken met ouderen is ontzettend dankbaar en eervol werk. De contacten met cliënten en hun omgeving zijn vaak heel puur en oprecht. Zelfs als verbale communicatie met mensen met vergevorderde dementie niet meer mogelijk is. Je merkt soms aan een blik dat een cliënt voelt dat hij of zij niet alleen is.’
Schreeuwen in de supermarkt
‘Als orthopedagoog-generalist ben ik sowieso al een beetje een vreemde eend in de bijt in de sector. Het voordeel daarvan is dat je met een frisse blik naar gedrag kunt kijken. Ook mijn achtergrond in de gehandicaptenzorg helpt mij om anders naar dementie te kijken. De parallellen zijn enorm. Een verstandelijke beperking is een brein dat in de basis beschadigd is. Dementie is een brein dat vaardigheden verliest. Dat vaardigheden verloren gaan, kan tot frustratie en moeilijk verklaarbaar gedrag leiden. Ik maak wel eens de vergelijking met mijn zoon van zeven. Stel dat hij zelfstandig zonder instructies boodschappen voor het avondeten zou moeten doen in de supermarkt. Dat loopt gegarandeerd in de soep. Dan kan hij gestrest raken. Misschien gaat een kind wel schreeuwen. Is het dan een vervelend kind, of heb ik hem iets gevraagd wat hij niet kan? Dat is precies hoe je als orthopedagoog-generalist naar gedrag kijkt: wat ligt er ten grondslag aan dat gedrag? Begrijpt of kan een cliënt iets niet? En is dat de reden voor frustraties of onvoorspelbaar gedrag? Misschien dat je minimale progressie boekt door de bejegening van een cliënt. Maar uiteindelijk is dementie natuurlijk een progressieve ziekte. De cliënt gaat niet meer beter worden. Er is geen ruimte voor herstel, alleen voor kwaliteit van leven.’
‘Dat is precies hoe je als orthopedagoog generalist naar gedrag kijkt: wat ligt er ten grondslag aan dat gedrag? Begrijpt of kan een cliënt iets niet? En is dat de reden voor frustraties of onvoorspelbaar gedrag?’
Rondjes en vierkantjes
‘Mensen vragen mij vaak wat het verschil is tussen mij en een GZ-psycholoog. Als ik een rondje ben, dan is de GZ-er een vierkantje. De GZ-psycholoog heeft veel kennis van psychische klachten en blinkt uit in de protocollaire behandelingen van bijvoorbeeld trauma’s of depressies. Als orthopedagoog-generalist ben je niet op de directe behandeling georiënteerd. Dat is niet mijn forte. Wat dat betreft, heb ik mijn collega’s heel hard nodig en kan ik veel van hen leren. Andersom is mijn expertise weer een waardevolle aanvulling op het werk van mijn GZ-collega’s. Je kijkt met een bredere scope naar alle radartjes en hebt specifieke expertise op het gebied van het ontwikkelingsperspectief en het werken vanuit de systemische benadering. Mijn rollen zijn veelzijdig: van gedragsvisites op de PG+ afdeling en regiebehandelaar bij de dagbehandeling tot het bezoeken van mensen in de thuissituatie of het ondersteunen van familie in de veranderende situatie. Voor naasten is het vaak verdrietig en belastend als iemand die er fysiek nog is, mentaal verandert. Ik noem dit levend verlies. Het is dankbaar werk om hen hierin te ondersteunen. Ook voer je moeilijke gesprekken over bijvoorbeeld behandelkeuzes. Je bent allesbehalve een afstandelijke gedragswetenschapper of een ‘alwetende uil’. Je staat niet boven het team, maar ernaast. Rondjes en vierkantjes kunnen elkaar dus perfect aanvullen. We zijn geen concurrenten. Bovendien is een GZ-er in de zorg voor ouderen is vaak van nature al een vierkantje met ronde hoeken.’
‘Je bent als orthopedagoog-generalist allesbehalve een ‘alwetende uil’ of afstandelijke gedragswetenschapper. Je staat niet boven het team, maar ernaast.’
Durf deze ‘gekke mensen’ aan te nemen
‘Uiteindelijk dienen we hetzelfde doel: een zo hoog mogelijke levenskwaliteit van een cliënt. Onze aanpak bij BrabantZorg sluit ook aan op de uitgangspunten van het Generiek kompas. Wat kan een cliënt nog wel? Wat zijn de behoeften? Hoe iemand vroeger in het leven stond, bepaalt hoe hij nu de ziekte en het verlies van regie, vaardigheden en zelfstandigheid ervaart. Als meneer Jansen bij een bank heeft gewerkt, graag in de tuin schoffelde en altijd een hele lieve opa is geweest, dan zoek je ingangen die daarbij passen. Samen met een arts doen we gedragsvisites en evalueren we of gedrag een medische oorzaak heeft of dat er ook niet-medicamenteuze interventies mogelijk zijn. De rol van de OG-er is in de zorg voor ouderen nog in opkomst. Laatst was ik op een congres van mijn vakgebied. Als het woord ouderenzorg daar twee keer is gevallen, is het veel. Ik dacht echt: wat doe ik hier? Ons vak staat nog onvoldoende in the picture. Maar inmiddels ben ik gevraagd om les te geven aan een nieuwe generatie OG-ers en word ik via verschillende kanalen gevraagd om dit prachtige beroep op de kaart te zetten. Met de toenemende vergrijzing en cliënten die langer thuis wonen zijn we ook gewoon echt keihard nodig. Mijn oproep aan andere ouderenzorgorganisaties? ‘Wees ook eigenwijs en durf deze ‘gekke mensen’ aan te nemen.’ Wij brengen echt een andere kijk!’








